De muziek van Tempestade

Tempestade, een verfrissende sambaband uit Den Bosch en omstreken. Met welluidende klanken van trommels en bellen zetten ze het publiek in beweging. De muziek vindt zijn roots in de sloppenwijken van Rio de Janeiro, maar heeft met de inslag van andere muziekstijlen een geheel eigen en vernieuwend karakter. Zo komen alle zonnige klanken van de Samba(-Reggae) sterk terug in heel het repertoire en is een brug geslagen naar elementen uit westerse muziekstijlen waaronder Funk, Pop en Rock. Dit leidt tot uitdagende ritmes en herkenbare nummers voor publiek, waarbij er een grote diversiteit is aan nummers, tempo en complexiteit. Als Tempestade wordt opgetrommeld spelen ze met Braziliaanse instrumenten als de Repinique, Caixia, Tamorim’s, Chocalho, Agogo’s, Marcação’s en Surdo’s. De lage Surdo’s gonzen door je lichaam en de hoge klanken laten je dansen tot morgen vroeg.

Tamborim

Een trom van ongeveer 20 cm doorsnede met slechts een vel (vergelijkbaar met een tamboerijn zonder bellen). De tamborim wordt met slechts een stok bespeeld. Verschillende slagtechnieken creëren verschillende geluiden (o.a. variëren van velspanning met vingers en raken van het vel op verschillende plekken met de stok).
De tamborims zorgen voor het volume van de band door hun specifieke doordringende geluid.

chocalho (shaker)

De shaker is gemaakt van een houten of metalen chassis waaraan jingles (ronde metalen, halfgebogen, plaatjes) zijn bevestigd. Het instrument wordt het meest tijdens het refrein van een samba gespeeld en blijft daarnaast passages lang onaangeroerd. De chocalho ondersteund de caixa om de samba zijn swing te geven. Het chassis wordt met beide handen beetgepakt en achtereenvolgens voor- en achterwaarts bewogen op het ritme van de muziek.

Caixa (Snare)

Het woord caixa (spreek uit: kasja) betekent “snare drum” in het Portugees, en wordt bespeeld met 2 drumstokken. Soms zitten de snaren bovenop, meestal onder. Op dit instrument worden vooral rim-shots en drukroffels gespeeld.

Ago-go (bel)

De ago-go zijn eigenlijk 2 of 3 verschillende cow-bells (koe-bellen) met elkaar verbonden door een gebogen metalen staaf. Hierdoor kan een melodisch ritme worden gespeeld.
Door de twee bellen tegen elkaar te drukken kan een echo-achtig geluid worden gemaakt als opvulling tussen het gespeelde patroon.

Repinique

De tenor trom van de sambaband met strak gespannen vel. Vult het surdo ritme aan. Fungeert ook als “lead drum” van de band (vraag en antwoord). Wordt ook gebruikt als solo instrument en wordt bespeeld met een of twee stokken. Slagen bestaan voornamelijk uit rimshots (slagen op vel en rand tegelijkertijd).

Surdo

Surdo (“de dove man”) verzorgt de hartslag van de band. Het is een grote ronde basdrum die bespeeld wordt met een of tweestokken. Een band heeft meestal 3 soorten surdo’s: Surdo “reposta”: de grootste, Surdo “marcador”: de middelste, en Surdo“contrador”: de kleinste en meest actieve surdo.

WhatsApp chat